Er is een toenemende interesse om het bestaande bos- en natuurpatrimonium veilig te stellen en nieuwe gebieden te verwerven. Dat vergt tegelijk een toenemende expertise in het duurzaam beheren van de gebieden. De opleiding is gericht op de vorming van academische ingenieurs die een bijdrage kunnen leveren tot het duurzame gebruik en geïntegreerde beheer van bos en natuur.

Nederlands

Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen

2 jaar – 120 studiepunten

master-na-bacheloropleiding

Inhoud

Biodiverse en goed functionerende terrestrische ecosystemen waarborgen, is essentieel. Ze zijn niet enkel waardevol als leefgebieden voor complexe levensgemeenschappen, maar leveren ook tal van producten en diensten aan mens en maatschappij. Deze ecosystemen en het natuurlijke kapitaal dat ze bieden, staan echter onder stevige druk in de snel veranderende wereld. Het is niet voor niets dat de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (SDGs) de zorg voor omgeving als één van de drie leidende dimensies voor een duurzame toekomst definieert. De bescherming, herstel en toekomstgericht beheer van bossen, natuurgebieden en het landschap dat ze samen vormen, staan hierin centraal. Ecosystemen staan niet alleen onder druk van milieuveranderingen, ze vormen tegelijk belangrijke natuurlijke oplossingen voor deze veranderingen. Zo kan biodiversiteitsbehoud meeliften met het versterken van bos en natuurgebieden als strategie voor klimaatmitigatie- en adaptatie. Dit werd bijvoorbeeld recent zo verankerd in de Europese Green Deal en de Natuurherstelwet.

Deze complexe vraagstukken vragen een doorgedreven expertise. In deze masteropleiding leiden we ruim inzetbare professionals op in het brede domein van bos- en natuurbeheer. We introduceren nieuwe technologieën om de complexe structuur en functioneren van ecosystemen in kaart te brengen, van individuele groeiring of boom tot grootschalige vegetatiepatronen in landschappen. Hiervoor moeten we beeldvorming in het labo, laser scanning in het veld en sensoren op vliegtuigen en satellieten leren combineren met ruimtelijke analysetechnieken. Met deze toolbox onder de arm kunnen we dan de ecologische impact van complexe milieuveranderingen zoals wijzigingen in landgebruik en klimaat bestuderen en begrijpen, met onder andere aandacht voor de productiviteit, de biodiversiteit, en het functioneren van bos en natuur. Vegetatiemodellen laten verder toe voorspellingen te maken en scenario’s voor de toekomst door te rekenen. Finaal leren we de kennis en inzichten te vertalen naar onderbouwde oplossingen voor complexe beheer- en beleidsvraagstukken. Concreet gaat dit bijvoorbeeld over thema’s zoals het duurzaam beheren van bossen, inschatten van houtkwaliteit en ontwikkelen van innovatieve houtbehandelingen en circulaire materialen voor de houtsector, ecologisch herstellen van gedegradeerde ecosystemen, beperken van risico’s bij rampen via klimaatadaptatie, en kwantificeren van koolstofopslag in vegetatie.